"Je bent te halsstarrig, te principieel, te rationeel. Je denkt te zwart-wit " (maart 2009)

Waarschijnlijk ken je het wel… op het werk of thuis is het weer tijd voor een ‘functioneringsgesprek’ en daar komen ze aan, die kwalificaties: onaangenaam en voor je gevoel volkomen uit de lucht gegrepen… maar is het wel zo, dat je ze echt niet kunt voorspellen?

Zelf heb ik de indruk dat dit soort kritiek pas geleverd wordt als men vindt dat je je gedrag (of uitspraken, of beslissingen) te veel afstemt op feiten en gegevens, los van het menselijke aspect van een situatie. Met andere woorden: wanneer je zuiver inhoudelijk te werk gaat.

Eigenlijk is het een beetje paradoxaal, als je erover nadenkt. Innerlijk neem je als hoogbegaafde over het algemeen juist heel veel in je op van de sfeer en van de gevoelens en intenties van anderen. Maar uiterlijk geef je daar geen blijk van: je koers lijkt te worden bepaald door zaken buiten jezelf en de ander.

Er zijn verschillende redenen te noemen, waarom hoogbegaafden dat doen. Die redenen laat ik hier buiten beschouwing, maar het ongewenste resultaat van deze handelwijze is, dat anderen je op zijn best als een ‘koude kikker’ gaan beschouwen. Dat is zeker niet bevorderlijk voor hun bereidheid naar je te luisteren, ongeacht hoe juist je gegevens zijn en hoe logisch de conclusies zijn die je trekt.

Ik herinner me in dit verband een gesprek laatst met een vriendin. We hadden het over een inmiddels overleden leraar wiskunde die een zeer intelligente man was: over hoe moeilijk hij het altijd had, omdat hij ogenschijnlijk totaal niet gevoelig was voor de argumenten van de leerlingen, en over hoe moeilijk hij lag bij zijn collega’s. Mijn vriendin, destijds ook een puber die dieper dan het oppervlak kon kijken, vertelde dat ze soms op het punt had gestaan om tegen die leraar te roepen: “Waarom doe je nu zo? Je bent eigenlijk een aardig mens.”

Voor mij is dit een veelzeggend voorbeeld van hoe  hoogbegaafden soms kunnen overkomen.
Het loskoppelen van onze reactie van de gevoelens die we (toch wel degelijk) waarnemen bij onszelf en anderen, levert een onpersoonlijk, dus onauthentiek beeld op, op het randje van het onmenselijke af. Dat beeld kleurt niet alleen de wijze waarop anderen naar ons luisteren, maar staat ook het vertrouwen in de weg. Niemand zit namelijk erop te wachten, contact te leggen met een denkmachine in menselijke gedaante.

Gelukkig is de oplossing binnen handbereik, als je naast inhoud ook andere zaken een rol laat spelen in je optreden naar buiten toe. Merk je bijvoorbeeld dat iemand zenuwachtiger wordt naarmate je verder spreekt? Maak er dan werk van voor jezelf: wat voor angst, wat voor behoefte kan daar achter zitten? Vraag het jezelf af en let actief op signalen van verbazing, opkomende woede, frustratie, onzekerheid, schaamte en irritatie. Neem die signalen niet alleen waar, maar neem ze (in gedachten) mee in je respons, welke dat ook moge zijn. Onderdruk en onderschat ze vooral niet: kijk naar ze alsof het ijsbergen waren in de interactie met je gesprekspartners … en wees daarbij geen Titanic.

‘Andere zaken’ zijn volwaardige factoren, minstens zo volwaardig als feiten en cijfers. Om maar iets te noemen, evolutionair gezien heeft onze capaciteit om bepaalde emoties te voelen de menselijke soort behoed voor uitsterven: zo stelt Paul Ekman in Emotions Revealed. Het gaat vooral om vreugde (die een aanleiding tot seks kan zijn) en angst (die als een natuurlijk alarmsysteem voor gevaren fungeert).

Maar ook het leren van nieuwe woorden door een klein kind kan pas geschieden als er een emotie aan gekoppeld wordt, volgens sommige onderzoekers. Emotie dient dan als het ‘plakmiddel’ waarmee het nieuwe gegeven in het geheugen geprent wordt, nog voordat het spreken mogelijk is. Voor de taalcentra in de hersenen van een baby is het veel makkelijker om een gegeven zoals ‘melk’ te leren en te onthouden als je het tegen de achtergrond plaatst van de emoties die bij hem ontstaan wanneer dit samenvalt met ‘moeder, warm, zoetig’. Het zou duidelijk heel anders zijn als je hetzelfde woord zou proberen te introduceren door hem een blauw pak uit de supermarkt te tonen en daarbij ‘melk’ te roepen…

En op het gebied van communicatie zijn juist emoties de sterspelers. Denk maar aan de mogelijke betekenissen van een uitspraak zoals ‘Je bent een schat’. Als we deze zin zo lezen, weten we nog niets. Gaat het hier om beloning, verleiding of afstraffing? Feit is dat je hier ‘een schat’ wordt genoemd, maar kun je er zeker van zijn dat de spreker echt bedoelt dat je iets waardevols bent, zonder de aanvullende informatie van de emotie van waaruit het gezegd wordt?

Als je met iemand communiceert, moet je altijd verder zoeken – verder dan het oppervlak en verder dan de inhoud. Vergelijk het maar met het openmaken van een cadeau: om de volledige betekenis te vinden, moet je er een aantal lagen vanaf halen. Verder kijken is des te belangrijker wanneer je denkt je te moeten verdedigen. Het is mij opgevallen dat hoogbegaafden onder deze omstandigheden communicatief soms zeer schrijnend de weg kwijtraken. Boodschappen worden gefragmenteerd tot een verzameling van woorden en woorden op face value beoordeeld. Zie het extreme voorbeeld hieronder.

‘Goh, wat gek, ga je deze zomer bezuinigen op je vakantie, juist nu de indexen weer omhoog schieten?’ ‘Een index kan niet schieten, laat staan omhoog’. Hoe onwaarschijnlijk het ook mag klinken, dit soort spelletjes komt voor. Uit het oogpunt van communicatie heel jammer, want wie er met zo’n ontwijkende reactie aankomt, gaat voorbij aan de confrontatie met de eigen gevoelens die door de vraag zijn opgeroepen. En in dit voorbeeld gaat hij ook straal voorbij aan de verbazing van de ander, zijn impliciete vraag om opheldering en misschien zijn bezorgdheid.

Het pakt funest uit, als je deze houding als een techniek hanteert bij een meningsverschil, om antwoorden te vermijden of je verdediging meer kracht bij te zetten.
Je kunt er dan zeker van zijn dat het op een conflict zal uitlopen, omdat je de communicatie bewust blokkeert door een afleidingsmanoeuvre – wat ook nog tamelijk doorzichtig is voor je gesprekspartner.

Samenvattend enkele tips, als je geen zin meer hebt in de kritiek uit de titel:

  1. In je interactie met anderen schat emoties op evenveel waarde als inhoudelijk gegevens. Emoties vormen namelijk een betrouwbaar meetinstrument van de bereidheid van je gesprekspartners om naar je te luisteren; ze geven je dus veel informatie over je kans om ‘gehoord’ te worden.

  2. Laat gevoelens die je bij jezelf en een ander waarneemt meespelen in je reactie en behandel ze voorzichtig, zeker de gevoelens van anderen. (Er zijn een aantal redelijk veilige methodes om iemand op de eigen gevoelens aan te spreken, maar je moet goed weten hoe ze ‘werken’: meer hierover in een ander artikel).

  3. Wees geen Titanic… Let actief op signalen van ongemak bij jezelf en de ander, herstel je koers en stop op tijd als je niet weet wat de beste koers is.

  4. … en ook geen muggenzifter. Gebruik je oog voor detail en taalvaardigheid niet in negatieve zin om de communicatie te blokkeren. Blijf gefocust op betekenissen, ook als je tegenargumenten wilt aanvoeren – en doe dat dan eerlijk.

  5. Ten slotte: houd vooral de moed erin. Het is te doen!

Je reactie en eventuele verdere tips over dit onderwerp zijn welkom op mijn weblog: www.hoogbegaafd-online.nl

© Marina van Walsum 2009