|
Een cliënte vertelde me dat ze een nieuwe baas zou krijgen en dat meteen bij haar de vraag was gerezen of ze zou moeten vertellen dat ze hoogbegaafd is. “Ik weet nu dat mijn problemen in het verleden met hoogbegaafdheid te maken hadden. Het zou wel fijn zijn als ik de moeilijkheden die ik toen tegengekomen ben, niet nog een keer zou hoeven meemaken”.
Die neiging tot willen vertellen dat je hoogbegaafd bent, ben ik vaker tegengekomen bij degenen die de ontdekking pas gedaan hebben. Dat is niet zo verwonderlijk, door de gevolgen daarvan voor je zelfbeeld. Alles wat je daarvoor aan ‘the dark side’ van je karakter had toegeschreven (om met Luke Skywalker te spreken) wordt ineens op een logische wijze verklaard als de onhandige uitwerking van bepaalde eigenschappen van hoogbegaafdheid. Opluchting door het besef “het lag dus niet aan mij” en verlossing, nemen de plaats in van eventuele schuldgevoelens over de eigen vermeende tekortkomingen. Het label ‘hoogbegaafdheid’ blijkt op deze manier voor velen de poort van waaruit ze afscheid beginnen te nemen van een negatief zelfbeeld.
Nieuwe kansen, nieuwe inzet, met de hoop op een betere samenwerking. Het idee dat je een nieuwe baas krijgt, kan daarom voor sommigen (niet voor die cliënte, overigens) een aantrekkelijke gedachte zijn vanwege het gebrek aan een gezamenlijk verleden. Door de nieuwe baas op de hoogte te brengen van je hoogbegaafdheid hoop je misschien je te kunnen indekken tegen conflicten. Je hoopt op meer begrip te kunnen rekenen en meer acceptatie te ontvangen voor wie je bent. Het probleem is, dat als je naar je nieuwe baas zou stappen en zeggen: “Er is iets wat ik je moet vertellen… ik ben hoogbegaafd”, je dit juist allemaal zou mislopen. Ik ga hieronder in op de redenen.
Als je nieuwe baas zelf niet hoogbegaafd is…
- Weet hij hoogstwaarschijnlijk weinig of niets over hoogbegaafdheid.
- Door te zeggen dat je hoogbegaafd bent, heb je intussen een verschil aangekaart tussen jou en hem/haar. Mensen bereiken binding door onderlinge gelijkenissen te vinden. Dat zie je ook in het begin van een vriendschap. Dan onderzoeken potentiële vrienden de gebieden waarin ze aan elkaar gelijk zijn, zelfs zo ver, dat ze de raakvlakken een beetje forceren om een vriendschap te laten ontstaan … Wanneer je dus tegen anderen zegt dat je hoogbegaafd bent terwijl zij het zelf niet zijn, kaart je een extra verschil aan.
- Wat meer consequenties heeft: aan dat verschil wordt in onze maatschappij een waardeoordeel gehecht, waarbij alles wat ‘meer’ is, ook automatisch de waarde van ‘beter’ krijgt. Meer geld, meer schoonheid, meer vakanties, meer intelligentie. Deze ‘maatschappelijke belasting’ maakt dat die mededeling automatisch andere mensen in het ‘minder- hoekje’ plaatst, ook bedoel je dat absoluut niet zo.
Ik vraag me trouwens wel eens af of hoogbegaafden uit een boeddhistische samenleving het makkelijker hebben. Dat zou je kunnen denken, omdat daar, op grond van een filosofische overtuiging, geen enkele definitie een kwalificatie inhoudt. Koud - warm, breed - smal, trendy - klassiek, hoogbegaafd - zwakbegaafd. All concepts of our mind. Allemaal wezenlijk eenzelfde product van ons brein… wat een vrijheid! Wat een zachte ontwrichting van de algemene overtuiging dat hoogbegaafden zélf van een waardeoordeel uitgaan, wanneer ze met die mededeling aankomen…
Als je nieuwe baas, aan wie je het vertelt, zelf ook hoogbegaafd is, kan het zijn dat hij of zij niets over hoogbegaafdheid weet. Dan krijg je hetzelfde effect als hiervoor geschetst. Het is niet zo dat je automatisch begrepen wordt door iemand anders die ook hoogbegaafd is. Maar als je met een hoogbegaafde te maken hebt die wel de kenmerken van hoogbegaafdheid kent, waarbij hoogbegaafdheid geen issue is, en die van nature communicatief begaafd is ...dan heb je wel geluk. Dat is de ideale situatie om je mededeling te doen, en misschien zelfs wel het begin van een vriendschap.
Wat mij betreft is de meest voor de hand liggende oplossing: het label ‘hoogbegaafd’ alleen gebruiken wanneer andere mensen hoge intelligentie als iets moois zien (wat overigens meestal wijst op hoge intelligentie aan de andere kant). Of als iemand je al goedgezind is: een emotionele band met je heeft, al met je bevriend is, al van je houdt, je aardig vindt of sympathiek. In dat geval zal de label niet veel veranderen in de relatie, maar veel verklaren en/of toevoegen. Meer hierover staat in het Nicole Kidman-artikel.
In alle andere gevallen zou ik het label vermijden… Maar dan de vraag: hoe kan ik mijn hoogbegaafdheid de vrije loop geven? Dat kun je doen door er van uit te gaan dat de ander geen gebruiksaanwijzing van je heeft. Op individuele wijze kun je kennis laten maken met de gebruiksaanwijzingen van je hersenen. Keer op keer, aan de hand van voor de hand liggende voorbeelden, kun je anderen kennis laten maken met je specifieke gebruiken, mogelijkheden en aanpak.
Stel je voor dat je met iemand aan het vergaderen bent. Je weet dat je collega van plan is om een (voor hem) complexe zaak aan je voor te leggen. Je gaat gewoon naast hem zitten zonder pen en papier te pakken. In een normale situatie kan dit overkomen als gebrek aan inzet of gebrek aan interesse. In zo´n geval kan het handig zijn om iets toe te voegen: “Ik luister naar je, het is niet zo dat ik wat je gaat vertellen niet interessant vind. Ik vind het gewoon fijner om zaken zelf te onthouden. Begin maar gerust. Ik luister.”
Zo'n directe manier om van mens tot mens uit te leggen hoe je werkt, heeft het voordeel dat je je een plek verwerft waarin het mogelijk is je hoogbegaafdheid ruimte te geven. En dat zonder dat je anderen voor hun hoofd stoot door een gedrag te tonen dat bij hen anders kan overkomen dan je bedoeld hebt. Zoals dit voorbeeld betrekking heeft op het kenmerk ‘uitstekend geheugen’, zo zijn er allerlei mogelijkheden om op een vriendelijke wijze andere aspecten van je identiteit door te laten werken in wat je doet, zonder die nare, ongevraagde maatschappelijke lading.
Samenvattend, enkele tips:
- Gebruik het label ‘hoogbegaafd’ alleen als men hoge intelligentie als iets moois ziet, in zichzelf en in anderen, of in het geval dat men je al goedgezind is.
- In de andere gevallen: vermijd het label ‘hoogbegaafd’. Ga liever van eigen gebruiksaanwijzingen uit. Dat werkt nivellerend, want iedereen heeft ze.
- Geef je gebruiksaanwijzingen alleen als het nodig is, wanneer je denkt dat je gedrag anders geïnterpreteerd kan worden, dan wat je bedoeld hebt. Vergeet daarbij niet dat er een verschil is tussen je gedrag verklaren en je voor je gedrag excuseren.
© Marina van Walsum 2009 |